Gemeentebelasting op buitenlandse roerende inkomsten is schending EG-recht

De Belgische agglomeraties en gemeenten mogen een aanvullende belasting op de personenbelasting  vestigen (onder meer) op buitenlandse roerende inkomsten die rechtstreeks in het buitenland worden geïnd. Deze belastingen worden voor de gemeenten en agglomeraties geïnd samen met de personenbelasting.

In tegenstelling tot de buitenlandse roerende inkomsten is er geen aanvullende gemeentebelasting verschuldigd op Belgische roerende inkomsten. Deze worden immers onderworpen aan de ‘bevrijdende’ roerende voorheffing die automatisch wordt ingehouden door de schuldenaar. De Belgische roerende inkomsten moeten in de regel dan ook niet meer worden opgenomen in de aangifte personenbelasting. Maar buitenlandse roerende inkomsten die niet via een Belgische tussenpersoon worden geïnd, moeten wel worden opgenomen in de aangifte personenbelasting waarbij een aanvullende gemeentebelasting verschuldigd is. Aan de gemeentebelasting kan worden ontsnapt door de inkomsten te laten uitbetalen door een Belgische tussenpersoon die dan de roerende voorheffing verplicht moet inhouden.

Een Belgische rijksinwoner die dividenden had ontvangen uit een Nederlandse bron, vond dat hij werd gediscrimineerd door de wijze waarop de dividenden in België fiscaal worden behandeld. In een arrest dd. 1 juli 2010 heeft het Hof van Justitie geoordeeld dat de Belgische regeling inzake gemeentebelasting op roerende inkomsten van buitenlandse oorsprong, een schending uitmaakt van het vrij verkeer van kapitaal en dus onterecht wordt geheven.

Welke inkomsten?
Het arrest van het Europees Hof van Justitie is van toepassing op genoten interesten op spaar- en bankrekeningen, dividenden, rentes van obligaties en rekening-courant rentes genoten in een ander land van de Europese Economische Ruimte (dit is de Europese Unie uitgebreid met Ijsland, Noorwegen en Liechtenstein).
Het is echter niet van toepassing op uitkeringen waarvoor ook in België geen bevrijdende roerende voorheffing bestaat.
Ook op roerende inkomsten genoten in Zwitserland of andere derde landen is het
arrest niet van toepassing.

Gevolgen van het arrest
Het is vooralsnog wachten op een officieel standpunt van de belastingadministratie. Het is daarom momenteel nog niet mogelijk om te bepalen wat de gevolgen voor de toekomst zullen zijn. Eén mogelijkheid bestaat erin dat er bij het inhouden van de bevrijdende roerende voorheffing op Belgische roerende inkomsten, ook gemeentebelasting zal worden ingehouden.

Voor het verleden staat nu echter vast dat de gemeentebelasting die werd geheven op de buitenlandse roerende inkomsten onterecht was. Voor aanslagen gevestigd in 2006 of later, kan er via de procedure van ambtshalve ontheffing, nog steeds om ontheffing worden gevraagd van de teveel betaalde belasting. Voor aanslagen die minder dan 6 maanden geleden gevestigd zijn, dient dit te gebeuren via de bezwaarprocedure.
 
Jan Torsin
jan.torsin@vhg.be