Sinds 9 mei 2011 geldt voor bedrijfsrevisoren een nieuwe norm in het kader van de anti-witwaswetgeving. De norm is gebaseerd op het gemeenschappelijk reglement dat tot stand kwam in overleg met het Instituut van de Bedrijfsrevisoren (IBR), het Instituut van de Accountants en de Belastingconsulenten (IAB) en het Beroepsinstituut van erkende Boekhouders en Fiscalisten (BIBF). Ook ons kantoor moet hier dus rekening mee houden.
Wat houdt de nieuwe norm in?
De norm bevat concrete regels voor:
- de identificatie, verificatie en acceptatie van cliënten;
- de identificatie en verificatie van de identiteit van de uiteindelijke begunstigden;
- de tussenkomst van derden bij de identificatie van de cliënten en de uiteindelijke begunstigden;
- de gegevensbewaring;
- het cliëntenacceptatiebeleid;
- het op afstand identificeren van cliënten;
- het cliëntenonderzoek bij zakenrelaties en occasionele verrichtingen;
- de aanwijzing en rol van de verantwoordelijke in toepassing van de antiwitwaswet;
- de opleiding en sensibilisering van het personeel;
- het toezicht en de controle.
De regeling werkt preventief en moet ervoor zorgen dat de dienstenverstrekker voldoende waakzaam is voor het risico van witwassen. Hiertoe moet hij verplicht stappen ondernemen om de klant beter te kennen en zijn organisatie hierop aan te passen.
De norm wordt verder uitgewerkt in een omzendbrief, waarin nog meer concrete elementen worden uitgereikt zodat de beroepsbeoefenaar beter weet hoe aan deze verplichtingen te voldoen.
Gert De Greeve
gert.degreeve@vhg.be
